Profetie in de Bijbel

Profetie

Mozes moet tegen de rots spreken en dan komt er water uit

Numeri 20:2-13 | Webmaster3 | ingevoerd: 03-03-2016 | gewijzigd: 03-03-2016
Profeet: Mozes | Geadresseerde: IsraŽl
Trefwoorden: Mozes, rots, water, Meriba

Samenvatting

Als Mozes tegen de rots spreek, komt er water uit.

Bijbeltekst

2 Maar er was voor de gemeenschap geen water. Toen kwamen zij bijeen vanwege Mozes en vanwege Ašron.
3 En het volk kreeg onenigheid met Mozes. Zij zeiden: Hadden wij maar de geest gegeven, toen onze broeders voor het aangezicht van de HEERE de geest gaven!
4 En waarom hebt u de gemeente van de HEERE in deze woestijn gebracht? Om hier te sterven, wij en ons vee?
5 En waarom hebt u ons uit Egypte laten vertrekken? Om ons op deze ellendige plaats te brengen? Het is geen plaats voor zaaigoed, evenmin voor vijgenbomen, wijnstokken en granaatappels. Ook is er geen water om te drinken.
6 Toen gingen Mozes en Ašron van de gemeente weg naar de ingang van de tent van ontmoeting, en zij wierpen zich met hun gezicht ter aarde. En de heerlijkheid van de HEERE verscheen hun.
7 De HEERE sprak tot Mozes:
8 Neem de staf en roep de gemeenschap bijeen, u en Ašron, uw broer, en spreek voor hun ogen tot de rots, en die zal zijn water geven. Zo zult u water voor hen voortbrengen uit de rots, en u zult de gemeenschap en hun vee laten drinken.
9 Toen nam Mozes de staf van voor het aangezicht van de HEERE, zoals Hij hem geboden had.
10 En Mozes en Ašron riepen de gemeente voor de rots bijeen, en hij zei tegen hen: Luister toch, ongehoorzamen, zullen wij voor u uit deze rots water voortbrengen?
11 Toen hief Mozes zijn hand op en hij sloeg de rots twee keer met zijn staf, en er kwam veel water uit, zodat de gemeenschap en hun vee konden drinken.
12 Maar de HEERE zei tegen Mozes en tegen Ašron: Omdat u niet in Mij geloofd hebt, en Mij voor de ogen van de IsraŽlieten niet geheiligd hebt, zult u deze gemeente niet in het land brengen dat Ik hun gegeven heb.
13 Dit is het water van Meriba, waar de IsraŽlieten de HEERE ter verantwoording riepen, en waar Hij onder hen geheiligd werd.

Uitleg

In de woestijn Zin lopen de IsraŽliŽrs tegen een bekend probleem aan: er is geen water. Een eerdere keer dat het probleem opdook, kreeg Mozes de opdracht met zijn stok op een rots te slaan. Die rots spleet open en er kwam genoeg water uit voor het hele volk. Nu krijgt hij de opdracht in het bijzijn van de gemeenschap tot de rots te spreken. Dat doet hij niet. Hij slaat weer met zijn staf op de rots. Er komt water uit, maar God straft Mozes voor ongeloof en omdat hij God voor het oog van de IsraŽlieten niet geheiligd heeft. In Num. 27:14 lezen wat de straf is: Mozes zal niet het beloofde land binnengaan.

Vervuld: nee

Belangrijkste vraag over dit Bijbelgedeelte is: waarom moest Mozes eerder slaan op de rots en moet hij er nu tegen spreken? Waarschijnlijk ligt het antwoordt in het profetische beeld dat God met deze geschiedenis wil laten zien. Van Paulus (1 Kor. 10) weten we dat de rots waar water uit stroomt een beeld van Jezus is.

De eerste keer dat de IsraŽliŽrs op de rots stuiten, moeten ze erop slaan en splijt deze. Dat is een beeld van Jezus die moet sterven zodat iedereen die in Hem gelooft eeuwig leven heeft.

De tweede keer dat de IsraŽliŽrs op de rots stuiten, moeten ze tot hem spreken. Waarschijnlijk verwijst dit naar de situatie in de eindtijd, wanneer IsraŽl diep in de problemen zit. Pas wanneer ze Jezus aanroepen zal bevrijding komen.
Daarover lezen we in JoŽl 2:32:
"ieder die de Naam van de HEERE zal aanroepen, behouden zal worden".
Hosea 3:4-5:
"Daarna zullen de IsraŽlieten zich bekeren, en de HEERE, hun God, zoeken en David, hun koning. Zij zullen zich in diep ontzag tot de HEERE en Zijn goedheid wenden, in later tijd".
Zach. 12:9-10:
"Op die dag zal het gebeuren dat Ik alle heidenvolken die tegen Jeruzalem oprukken, zal willen wegvagen. Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene".
En in Mat.23 zegt Jezus:
"Want Ik zeg u: U zult Mij van nu af aan niet zien, totdat u zegt: Gezegend is Hij Die komt in de Naam van de Heere!"

Gerelateerde profetieŽn

Mozes moet op de rots slaan en dan komt er water uit (Ex. 17:1-7)

Reageer op deze bijdrage

Plaats hier een snelle reactie of log in en plaats een reactie met uw account.

Uw reactie
Controlevraag
Verder