Profetie in de Bijbel

Overzicht

overzicht | bijbelboek

Overzicht van bijbelboeken

Bijbelboek Aantal Profetie
Bijbelboek Aantal Vervuld Profetie
Genesis23 God slacht een dier en kleedt de mensen (Gen. 3:21)
Plan van God in geslachtsregister Genesis 5 (Gen. 5)
Henoch stierf niet, maar werd weggenomen (Gen. 5:21-24)
De dagen van de mens zullen 120 jaar zijn (Gen. 6:3)
De ark strandde op een profetische dag (Gen. 8:4)
De aarde zal nooit meer door water verwoest worden (Gen. 9:8-17)
Sem gaf zijn zoon een profetische naam (Gen. 10:21-24)
Abram wordt een groot en gezegend nageslacht beloofd (Gen. 12:1-3)
Landbelofte aan Abram (Gen. 12:1-7)
God belooft Abram een groot nageslacht (Gen. 15:1-6)
God belooft Abram het land Kanašn (Gen. 15:7-21)
Slavernij in Egypte voorspeld (Gen. 15:13-14)
God sluit een verbond met Abram en zijn nageslacht (Gen. 17:1-14)
De Messias zal afstammen van Izak (Gen. 17:15-22)
Lot gered uit Sodom (Gen. 19:1-29)
Landbelofte aan Izak (Gen. 26:1-6)
Izak zegent Jakob (Gen. 27:27-29)
Izak zegent Ezau (Gen. 27:39-40)
Landbelofte aan Jakob (Gen. 28:10-14)
Opnieuw landbelofte aan Jakob en zegening (Gen. 35:9-13)
Zoon van Rachel krijgt twee namen (Gen. 35:16-18)
Jakob over de geboorte van Jezus (Gen. 49:10)
Dan zal een slang op de weg zijn (Gen. 49:16-18)
Exodus3 Bloed van lam beschermt tegen de dood (Ex. 12:22-23)
Botten van lam mogen niet gebroken worden (Ex. 12:46)
Mozes moet op de rots slaan en dan komt er water uit (Ex. 17:1-7)
Leviticus3 Vrouw die is bevallen is zeven dagen onrein (Lev. 12:1-3)
Het IsraŽlische leger zal veel sterker zijn dan zijn tegenstanders (Lev. 26:7-8)
Het land IsraŽl wordt een puinhoop (Lev. 26:33)
Numeri8 De benen van het lam mogen niet gebroken worden (Num. 9:12)
Mozes zou wel willen dat iedereen profeteerde (Num. 11:29)
Mozes moet tegen de rots spreken en dan komt er water uit (Num. 20:2-13)
Slang op een stok verwijst naar kruis (Num. 21:4-9)
Bileam profeteert dat IsraŽl een bijzonder volk is (Num. 23:7-10)
Bileam kan IsraŽl alleen zegenen (Num. 23:18-24)
Bileam: God zal tegenstanders van IsraŽl verslaan (Num. 24:1-9)
Bileam profeteert dat Jezus de tegenstanders van IsraŽl verslaat (Num. 24:10-25)
Deuteronomium12 In een tijd van benauwdheid keren joden terug tot God (Deut. 4:30-31)
Mozes belooft dat er een Profeet zal komen (Deut. 18:15-22)
Wie aan een paal hangt is vervloekt (Deut. 21:22-23)
Joden moesten uitwerpselen buiten de legerplaats begraven (Deut. 23:13)
Joden zullen een scheldwoord worden (Deut. 28:37)
Verwoesting van IsraŽl door de Romeinen voorspeld (Deut. 28:49-57)
De joden zullen verstrooid worden onder de volken (Deut. 28:64-66)
Joden als slaven naar Egypte gevoerd (Deut. 28:68)
IsraŽl wordt een onvruchtbaar land (Deut. 29:22-24)
De joden zullen God verlaten en zwaar gestraft worden (Deut. 31:14-18)
De joden zullen jaloers worden door wat geen volk is (Deut. 32:21)
God laat Mozes het beloofde land zien (Deut. 34:1-4)
Jozua0
Rechters0
Ruth0
1 SamuŽl1 Hanna spreekt een profetisch dankgebed uit (1 Sam. 2:1-10)
2 SamuŽl1 Jezus zal afstammen van David (2 Sam. 7:12-16)
1 Koningen0
2 Koningen0
1 Kronieken0
2 Kronieken0
Ezra0
Nehemia0
Esther0
Job2 Job wordt verlaten door zijn vrienden (Job. 19:13)
Job profeteert dat er ooit een Verlosser komt. (Job. 19:25)
Psalm24 God zal de koningen van de aarde oordelen (Ps. 2:1-12)
Kinderstemmen zullen God loven (Ps. 8:3)
Het lichaam van de Messias zal niet vergaan (Ps. 16:10)
Psalm over het lijden van Jezus aan het kruis (Ps. 22:14-18)
Om de kleding van Jezus zal gedobbeld worden (Ps. 22:19)
De HEERE doet mij schuilen in Zijn hut (Ps. 27:5-6)
Wie geen oog voor Gods daden heeft, wordt gestraft (Ps. 28:4-5)
De man die Jezus' brood at, zou Hem verraden (Ps. 41:10)
God komt naar de aarde om te oordelen (Ps. 50)
David schuilt bij God totdat de rampen voorbij zijn (Ps. 57:1-2)
God toont IsraŽl Zijn gezicht en elk volk zal Hem loven (Ps. 67:1-8)
Ze lieten mij zure wijn drinken (Ps. 69:22)
De Messias zal spreken in gelijkenissen (Ps. 78:1-3)
Als God Zijn gezicht laat zien, is IsraŽl gered (Ps. 80:1-20)
Psalm 83 oorlog (Ps. 83)
Gebed beschrijft het lijden van Jezus (Ps. 88)
Als God vergelding brengt zullen de gelovigen beschermd worden (Ps. 91)
De HEERE komt terug naar de aarde (Ps. 97)
God komt de aarde oordelen (Ps. 98)
Alle volken zullen God dienen in Jeruzalem (Ps. 102:16-23)
De zondaars zullen van de aarde verdwijnen (Ps. 104:35)
God zal de tegenstanders van IsraŽl vertrappen (Ps. 108)
De Messias zal heersen vanuit Sion (Ps. 110)
De steen die de bouwers verwerpen, wordt een hoeksteen (Ps. 118:22-23)
Spreuken0
Prediker0
Hooglied0
Jesaja54 Jesaja profeteert over de toekomstig tijd van vrede (Jes. 2:2-4)
Geen oog hebben voor daden van God is gevaarlijk (Jes. 5:11-13)
Het volk zal luisteren maar niet begrijpen (Jes. 6:9)
IsraŽl zal meerdere keren verwoest worden maar blijven bestaan (Jes. 6:11-13)
Een maagd zal zwanger worden (Jes. 7:14)
God zal eer bewijzen aan het land van Zebulon en Naftali (Jes. 8:23)
Jesaja profeteert wat het werkgebied van de Messias wordt (Jes. 8:23)
De Messias strijdt tegen Libanon (Jes. 10:33-34)
De Messias zal in Nazareth wonen (Jes. 11:1)
De Geest van God zal rusten op de Messias (Jes. 11:2)
Jesaja over de terugkeer van de joden naar IsraŽl (Jes. 11:11-12)
IsraŽl zal geen verdeeld land meer zijn (Jes. 11:13)
Joden zullen per vliegtuig terugkeren in IsraŽl (Jes. 11:14)
Geen sterlicht, geen maanlicht en zonsverduistering (Jes. 13:10)
Profetie van Jesaja over de Filistijnen (Jes. 14:28-32)
Damascus wordt totaal verwoest (Jes. 17:1)
EthiopiŽ wordt bedreigd door AssyriŽ (Jes. 18:1-6)
Burgeroorlog in Egypte (Jes. 19:1-4)
Egypte getroffen door ecologische rampen (Jes. 19:5-10)
Egypte zal bang zijn voor IsraŽl (Jes. 19:16-17)
In vijf steden in Egypte zal Hebreeuws worden gesproken (Jes. 19:18)
God zendt een bevrijder naar Egypte (Jes. 19:20-22)
Aanleg snelweg tussen Egypte, IsraŽl en AssyriŽ (Jes. 19:23-25)
Jesaja over de val van Egypte (Jes. 20:1-6)
Jesaja profeteert over de rapture (Jes. 26:19-21)
Jesaja profeteert dat Leviathan gestraft wordt (Jes. 27:1)
God zal met de mond geŽerd worden, maar niet met het hart (Jes. 29:13-14)
Doven zullen horen en blinden zullen zien (Jes. 29:18)
Het licht van zon en maan zal veel sterker worden (Jes. 30:26)
Edom staat een zeer zware straf van God te wachten (Jes. 34)
Blinden zullen zien en doven zullen horen (Jes. 35:5)
Komst van Jezus aangekondigd in de woestijn (Jes. 40:3)
De joden zullen vanaf de uithoeken van de aarde terugkeren (Jes. 41:8-10)
God legt Zijn Geest op de Messias (Jes. 42:1)
De Messias is rustig en geweldloos bij eerste komst (Jes. 42:2-4)
God zal de zonden op zich nemen (Jes. 43:22-25)
Jesaja profeteert over de Heilige Geest (Jes. 44:3-5)
Jesaja spreekt de nog niet geboren Kores aan (Jes. 45:1)
Jezus wordt geslagen en bespuugd (Jes. 50:6)
Jezus zal niet herkend worden als Messias (Jes. 53:1-4)
De Messias neemt de zonden van mensen op zich (Jes. 53:5-6)
De Messias zou zich niet verzetten tegen zijn veroordeling (Jes. 53:7)
Graf bij de goddelozen, bij de rijke in Zijn dood (Jes. 53:9)
De Messias zal gerekend worden tot de misdadigers (Jes. 53:12)
Met wapens en rechtszaken is IsraŽl niet te verdrijven (Jes. 54:17)
Nog meer Joden zullen terugkeren naar IsraŽl (Jes. 56:8)
God komt een einde maken aan het onrecht (Jes. 59:15-20)
De HEERE komt naar IsraŽl, heidenen stromen toe (Jes. 60:1-3)
IsraŽl krijgt de schatten van de zee (Jes. 60:5)
Jesaja profeteerde dat joden zouden vliegen (Jes. 60:8)
De volken die IsraŽl niet dienen, worden verwoest (Jes. 60:12)
Jesaja profeteert wat de Messias komt doen (Jes. 61:1-3)
De puinhopen worden herbouwd (Jes. 61:4)
Het land IsraŽl wordt geboren op ťťn dag (Jes. 66:7-8)
Jeremia15 De mannen die Jeremia willen doden worden gestraft (Jer. 11:21-23)
Joden zullen terugkeren uit de landen waarheen ze verdreven zijn (Jer. 16:14-15)
Heidenen zullen de God van IsraŽl erkennen (Jer. 16:19-21)
De joden zullen zeventig jaar in ballingschap gaan in Babel (Jer. 25:1-11)
God zal de volken zwaar straffen (Jer. 25:15-38)
Jeremia profeteert dat uit IsraŽl de Messias voortkomt die koning en priester is (Jer. 30:21)
Joden uit alle uithoeken van de aarde keren terug naar IsraŽl (Jer. 31:1-9)
God zal als een herder over IsraŽl waken (Jer. 31:10)
Kindermoord in Bethlehem voorspeld (Jer. 31:15)
Er zullen altijd Joden zijn (Jer. 31:35-37)
De joden zullen, nadat ze gestraft zijn, terugkeren naar IsraŽl (Jer. 32:37-44)
Edom wordt een vernietigende slag toegebracht (Jer. 49:7-22)
Damascus zal door vuur verwoest worden (Jer. 49:23-27)
Kedar wordt verslagen, Hazor onbewoond (Jer. 49:28-33)
Inwoners van Iran zullen verspreid worden over de aarde (Jer. 49:36)
Klaagliederen0
EzechiŽl15 EzechiŽl en Mozes: eeuwenlange straf voor de joden (Ez. 4:4-6)
EzechiŽl waarschuwt voor ballingschap (Ez. 12:1-16)
Een boom als beeld van de Messias (Ez. 17:22-24)
IsraŽl zal Edom aanvallen (Ez. 25:12-14)
God velt het oordeel over de Filistijnen (Ez. 25:15-17)
Tyrus wordt verwoest, de stenen in het water gegooid (Ez. 26:1-14)
God vertelt waar de duivel vandaan komt en wat zijn lot is (Ez. 28:11-19)
De joden zullen verspreid worden over de hele aarde (Ez. 34:2-6)
God brengt de joden terug naar IsraŽl (Ez. 34:10-16)
Het SeÔrgebergte en de rest van Edom worden verwoest (Ez. 35:1-15)
IsraŽl zal weer bewoond worden door joden (Ez. 36:1-15)
Het Joodse volk wordt verspreid over de aarde (Ez. 36:17-21)
EzechiŽls visioen van de beenderen (Ez. 37:1-14)
IsraŽl wordt weer ťťn land (Ez. 37:15-22)
EzechiŽl beschrijft hoe IsraŽl verdeeld wordt over de stammen (Ez. 48:1-29)
DaniŽl10 DaniŽl profeteert welke wereldrijken er komen (Dan. 2:29-45)
Mensenzoon komt met de wolken bij de Oude van dagen (Dan. 7:13)
Mensenzoon wordt koning (Dan. 7:13-14)
Er komt een eeuwig koninkrijk (Dan. 7:27)
De tijd van de komst van de Messias de Vorst bekendgemaakt (Dan. 9:24-25)
Een volk zal Jeruzalem inclusief tempel verwoesten (Dan. 9:26)
Een vorst grijpt in bij de tempeldiensten (Dan. 9:27)
De antichrist zal niet letten op het verlangen van vrouwen (Dan. 11:37)
Verloop laatste slag om IsraŽl (Dan. 11:40-45)
Kennis over profetie zal toenemen (Dan. 12:4)
Hosea5 De joden zullen lang zonder koning zitten (Hos. 3:4-5)
God keert terug als de joden in hun benauwdheid Hem zoeken (Hos. 5:15)
IsraŽl zal twee dagen verdrukt worden maar op de derde dag opstaan (Hos. 6:1-3)
Jezus geroepen uit Egypte (Hos. 11:1)
Doden zullen verlost worden uit het graf (Hos. 13:14)
JoŽl5 JoŽl beschrijft hoe de Dag van de HEERE eruitziet (Jl. 2:1-11)
JoŽl profeteert dat de Heilige Geest wordt uitgestort (Jl. 2:28-29)
Wie de HEERE aanroept wordt gered (Jl. 2:32)
Volken gestraft voor misdaden tegen IsraŽl (Jl. 3:1-4)
Vijanden van IsraŽl verzamelen zich voor oorlog maar worden gestraft (Jl. 3:9-16)
Amos4 Damascus wordt verwoest, SyriŽrs gaan in ballingschap (Am. 1:3-5)
De zon wordt midden op de dag verduisterd (Am. 8:9-10)
De joden worden verspreid onder de volken (Am. 9:1-10)
IsraŽl wordt een vruchtbaar land, het volk keert terug (Am. 9:11-15)
Obadja0
Jona1 Jona zat drie dagen en drie nachten in een vis (Jon. 1:17)
Micha4 Samaria wordt vernietigd (Mi. 1:6)
De HEERE spreekt recht vanuit Jeruzalem (Mi. 4:1-5)
Jezus zal geboren worden in Bethlehem (Mi. 5:1)
De Messias zal hen overgeven tot de tijd dat zij die baren zal, gebaard heeft (Mi. 5:2)
Nahum1 God bestraft Zijn tegenstanders (Nah. 1:2-8)
Habakuk1 God verslaat tegenstanders van IsraŽl in Teman (Hab. 3)
Zefanja5 Zefanja over de Dag van de HEERE (Zef. 1:14-18)
Ontkomen aan de Dag van de HEERE is misschien mogelijk (Zef. 2:1-3)
Zefanja over de ontruiming van de Gazastrook (Zef. 2:4)
Inwoners Gazastrook zullen verdelgd worden (Zef. 2:5-7)
Moab en Ammonnieten worden gestraft (Zef. 2:8-10)
Haggai0
Zacharia16 Jeruzalem wordt een grote stad, God komt erin wonen (Zach. 2:1-13)
De tempel wordt herbouwd door een Priester/Koning (Zach. 6:9-15)
De messias rijdt Jeruzalem binnen op een ezel (Zach. 9:9)
Jezus komt vrede brengen op aarde (Zach. 9:10)
Joden zullen buiten IsraŽl God blijven dienen (Zach. 10:9)
Jezus wordt verraden voor 30 zilverstukken (Zach. 11:12-13)
Zacharia over het uiterlijk van de antichrist (Zach. 11:17)
Alle volken op aarde zullen zich verzamelen tegen IsraŽl (Zach. 12:2-3)
IsraŽl wint de oorlog van landen die tegen IsraŽl optrekken (Zach. 12:4-8)
De joden zullen Jezus zien (Zach. 12:9-14)
De schapen van de herder worden verspreid (Zach. 13:7)
Tweederde van de inwoners van IsraŽl wordt gedood (Zach. 13:8-9)
Heidenvolken nemen nog ťťn keer Jeruzalem in (Zach. 14:1-3)
De voeten van Jezus zullen staan op de Olijfberg (Zach. 14:4-9)
Straf voor de volken die tegen Jeruzalem hebben gestreden (Zach. 14:12)
Mensen uit alle landen vieren Loofhuttenfeest (Zach. 14:16-19)
Maleachi3 Voordat de Heere komt, komt er een wegbereider (Mal. 3:1)
God komt om de goddelozen te oordelen (Mal. 4:1-3)
Elia komt voordat de dag van de HEERE komt (Mal. 44:5-6)
MattheŁs41 IsraŽl is het zout van de aarde (Mat. 5:13)
Jezus zal de hele wet vervullen (Mat. 5:17-18)
Valse profeten zijn herkenbaar aan hun vruchten (Mat. 7:15-21)
Niet iedereen die Jezus Heere noemt komt koninkrijk in (Mat. 7:21-23)
Veel niet-joden zullen tot geloof komen (Mat. 8:5-13)
Jezus zal ooit de demonen straffen (Mat. 8:28-34)
Jezus kondigt zijn vertrek aan (Mat. 9:14-17)
Wie het evangelie brengt, zal vervolgd worden (Mat. 10:16-22)
Evangelisatie gaat door totdat Jezus terugkeert (Mat. 10:23)
Jezus' komst veroorzaakt verdeeldheid in families (Mat. 10:34-39)
Jezus vervloekt drie steden in Galilea (Mat. 11:20-24)
Mensen moeten zich verantwoorden voor hun uitspraken (Mat. 12:36-37)
Wie bekeerd is, zal de niet-bekeerden veroordelen (Mat. 12:41-42)
Onkruid en tarwe zullen gelijk opgroeien (Mat. 13:24-30)
Jezus zal op 'deze petra' zijn gemeente bouwen (Mat. 16:13-20)
Jezus kondigt zijn lijden aan (Mat. 16:21)
De Zoon des mensen zal komen om te oordelen (Mat. 16:24-28)
Jezus profeteert dat Hij zal lijden en opstaan uit de dood (Mat. 17:1-13)
Jezus zegt dat Hij verraden wordt, zal sterven en zal opstaan (Mat. 17:22-23)
Wie niet de misdaden van zijn broeder vergeeft, wordt gestraft (Mat. 18:21-35)
Jezus vertelt welke beloning zijn volgelingen krijgen (Mat. 19:27-30)
Jezus kondigt aan hoe Hij gedood zal worden (Mat. 20:17-19)
De zonen van ZebedeŁs zullen lijden (Mat. 20:20-28)
FarizeeŽn zullen christenen vervolgen (Mat. 23:34-36)
Jezus stelt voorwaarde voor zijn tweede komst (Mat. 23:39)
Jezus kondigt de verwoesting van de tempel aan (Mat. 24:1-2)
Er komen oorlogen voordat de eindtijd aanbreekt (Mat. 24:6-8)
Jezus profeteert over de kerkgeschiedenis (Mat. 24:9-14)
Het evangelie wordt in de hele wereld verkondigd (Mat. 24:14)
Jezus kondigt de grote verdrukking aan (Mat. 24:15-22)
Jezus zegt dat er valse profeten en christussen komen (Mat. 24:23-28)
Verschijnselen in de hemel (Mat. 24:29-30)
Jezus over zijn wederkomst (Mat. 24:29-31)
Zoon des mensen komt op de wolken (Mat. 24:30-31)
Niemand weet wanneer Jezus terugkomt (Mat. 24:36)
Slaven van Jezus moeten voedsel geven (Mat. 24:45-51)
Dwaze meisje vergeten olie (Mat. 25:1-13)
Jezus oordeelt alle volken (Mat. 25:31-46)
Het laatste oordeel (Mat. 25:31-47)
Het evangelie gaat wereldwijd, over vrouw die Jezus zalfde wordt gesproken (Mat. 26:6-13)
Jezus zal geen wijn meer drinken (Mat. 26:29)
Markus7 Oorlogen geen teken van eindtijd (Mar. 13:7-8)
Jezus voorspelt vervolging christenen (Mar. 13:9-13)
Jezus vertelt wanneer de grote verdrukking begint (Mar. 13:14-20)
Jezus waarschuwt voor valse profeten (Mar. 13:21-23)
Verschijnselen in de hemel (Mar. 13:24-25)
Jezus over zijn wederkomst (Mar. 13:24-27)
Zoon des mensen komt op de wolken (Mar. 13:26-27)
Lucas12 De Zoon van Maria zal op de troon van David zitten (Luc. 1:31-33)
Maria: alle geslachten zullen mij zalig spreken (Luc. 1:46-49)
De lofzang van Maria (Luc. 1:46-55)
Simeon profeteert over het kind Jezus (Luc. 2:27-32)
Jezus voorspelt de verwoesting van Jeruzalem (Luc. 19:41-44)
Jezus kondigt de verwoesting van de tempel aan (Luc. 21:5-6)
Jezus kondigt oorlogen, opstanden en aardbevingen aan (Luc. 21:9-11)
De discipelen zullen vervolgd worden (Luc. 21:12-19)
Jezus profeteert de verwoesting van Jeruzalem (Luc. 21:20-24)
Tekenen aan de hemel en angst onder de volken (Luc. 21:25-28)
Jezus keert op een wolk terug op aarde (Luc. 21:27-28)
Bewoners van de aarde worden overvallen door de verdrukking (Luc. 21:34-36)
Johannes3 Jezus over zijn eigen hemelvaart en de rapture (Joh. 14:1-3)
De vervolgers van christenen denken dat ze goed doen (Joh. 16:2-3)
Jezus zegt dat Petrus zijn vrijheid zal verliezen (Joh. 21:18-19)
Handelingen1 Jezus profeteert bij de Hemelvaart (Hand. 1:4-8)
Romeinen1 Verharding over IsraŽl totdat volheid van heidenen is binnengegaan (Rom. 11:25-26)
1 KorintiŽrs3 De gelovigen zullen ooit over de wereld en engelen oordelen (1 Kor. 6:1-3)
Jezus gaat regeren en zal uiteindelijk de dood verslaan (1 Kor. 15:20-26)
Paulus legt uit wat er bij de rapture gebeurt (1 Kor. 15:51-53)
2 KorintiŽrs0
Galaten2 Jezus zal ons wegrukken uit deze wereld (Gal. 1:1-5)
Engelen kunnen vals evangelie brengen (Gal. 1:6-9)
Efeze0
Filippenzen1 Christenen krijgen net zo'n lichaam als dat van Jezus (Fil. 3:20-21)
Kolossenzen0
1 Tessalonicenzen3 Jezus verlost christenen van de komende toorn (1 Tess. 1:9-10)
De doden zullen eerst opgenomen worden bij de rapture (1 Tess. 4:13-18)
Dag van de Heere komt als dief in de nacht (1 Tess. 5:1-11)
2 Tessalonicenzen1 De antichrist komt nadat de afval is gekomen (2 Tess. 2:3-4)
1 TimoteŁs1 Christenen zullen afvallig worden (1 Timoteus. 4:1-5)
2 TimoteŁs0
Titus0
Filemon0
HebreeŽrs1 Hemel en aarde zullen vergaan (Heb. 1:10-12)
Jakobus1 Wie verzoekingen verdraagt ontvangt een kroon (Jak. 1:12)
1 Petrus0
2 Petrus0
1 Johannes2 De wereld gaat ooit voorbij (1 Joh. 2:15-17)
Wat is de aard van de antichrist? (1 Joh. 2:18-23)
2 Johannes0
3 Johannes0
Judas1 Henoch profeteerde over het oordeel van God (Judas. 1:14-15)
Openbaring31 Wie overwint heerst met ijzeren staf (Op. 2:26-28)
Jezus komt als een dief voor wie niet waakzaam is (Op. 3:3)
Bewaard worden voor het uur van verzoeking is mogelijk (Op. 3:10)
Wie overwint komt op de troon van Jezus te zitten (Op. 3:21)
Johannes gaat omhoog naar de hemel (Op. 4:1)
Eerste zegel: een ruiter op een wit paard verschijnt (Op. 6:1-2)
Tweede zegel: vrede wordt weggenomen (Op. 6:3-4)
Derde zegel: economische crisis (Op. 6:5-6)
Vierde zegel: het rijk van de dood (Op. 6:7-8)
Vijfde zegel: christenen zullen gedood worden (Op. 6:9-11)
Zesde zegel: aardbeving, verduisteringen, vallende sterren (Op. 6:12-17)
144.000 joden worden verzegeld (Op. 7:1-8)
Zevende zegel: stilte in de hemel (Op. 8:1)
Engel werpt vuur op de aarde (Op. 8:2-5)
Eerste bazuin: derde deel van bomen verbrandt (Op. 8:7)
Tweede bazuin: de zee wordt bloed, eenderde van het zeeleven sterft (Op. 8:8-9)
Derde bazuin: een derde deel van de wateren wordt giftig (Op. 8:10-11)
Vierde bazuin: zon, maan en sterren worden verduisterd (Op. 8:12)
Vijfde bazuin, eerste wee: sprinkhanen pijnigen de mensen op aarde (Op. 9:1-12)
Zesde bazuin, tweede wee: een derde van de mensen wordt gedood (Op. 9:13-21)
Buitenste voorhof van de tempel is voor de heidenen (Op. 11:1-2)
Twee getuigen evangeliseren in Jeruzalem (Op. 11:3-6)
De twee getuigen worden vermoord (Op. 11:7-13)
Zevende bazuin: Jezus wordt koning (Op. 11:15-19)
Een vrouw met zon, maan en sterren verschijnt (Op. 12:1-2)
Het kind dat gebaard wordt, wordt weggerukt (Op. 12:3-6)
Een engel zal het evangelie verkondigen (Op. 14:6-7)
De tien horens verwoesten de hoer (Op. 17:16)
Christenen die hebben volgehouden gaan duizend jaar regeren (Op. 20:4-6)
De duivel wordt definitief verslagen (Op. 20:7-10)
Tweede opstanding van doden en witte troon (Op. 20:11-15)